Olympisch denken in je teeltstrategie 

Op de Olympische Spelen draait alles om één doel. Vier jaar lang trainen, meten en bijsturen voor dat ene moment. Alles wijkt voor dat ene doel. In de teelt zie ik dat nog te weinig. En juist daar zit het verschil tussen anticiperen op wat komt, of straks ingehaald worden door de werkelijkheid. 
Jan-Paul de Wit
COLUMN | JAN-PAUL DE WIT
ICM-specialist | 9 april 2025  
Kijk naar een atleet als Femke Kok of de broertjes van ‘t Wout. Hun prestaties lijken soms een kwestie van talent en een paar perfecte momenten. Maar achter dat ene moment schuilt een strak uitgestippeld plan. Trainingsschema’s, tussentijdse doelen, meetmomenten, aanpassingen. Vier jaar lang wordt elke dag ingericht rond één helder doel: presteren op het juiste moment, op het hoogste niveau. 

Wat heeft dat met Integrated Crop Management (ICM) te maken?  
Alles. Zonder concrete doelen blijft ICM een goed idee, maar geen werkwijze.  

Minder emissies, efficiënter en minder gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, bodemgezondheid verbeteren, biodiversiteit versterken, weerbaar telen. We kunnen ze allemaal benoemen, maar zolang het abstracte ambities blijven, gebeurt er weinig. Net als een sporter die zegt: “Ik wil ooit wel eens goed worden,” zonder concreet plan.

“Een olympische medaille win je niet in de laatste tien seconden van de race. Die win je in de vier jaar ervoor.” 

Richting maakt keuzes eenvoudiger 

Doelen geven richting. Ze maken keuzes eenvoudiger. Een topsporter die goud wil halen, stelt zichzelf dagelijks de vraag: draagt dit bij aan mijn prestatie in 2028?  
Zo kan een teler zich afvragen:  
Draagt deze maatregel bij aan mijn ICM-doelstellingen voor 2030?  
  • Helpt dit mijn weerbaarheid?  
  • Verkleint dit mijn afhankelijkheid?  
  • Verbetert dit mijn bodem op lange termijn?  
  • Ben ik klaar voor de toekomst zonder de huidige toolbox? 

Van ambitie naar meetbaar doel 

‘Chemievrij telen in 2030’ is nog altijd globaal. Wil je dit doel halen, dan is het belangrijk om te kijken waar je op gaat sturen. Oftewel: maak het doel concreet en meetbaar.  

Dus niet ‘minder middelen gebruiken’, maar ‘binnen drie jaar 40% minder correctiemomenten’. Of: ‘Structureel preventief biologie uitstrooien om het aantal correctiemomenten te halveren binnen een jaar’.  

Zodra je doelen meetbaar worden, veranderen ook de gesprekken op het bedrijf. Dan gaat het niet meer over gevoel, maar over richting. En kun je doelgericht kiezen welke stappen, maatregelen en digitale tools nodig zijn om je doelen te halen.  

Van plan naar praktijk 

Recent werkte ik samen met een groenteteler die zichzelf een ambitieus doel had gesteld: de afhankelijkheid van chemische correcties fors terugbrengen. Die ambitie kwam niet uit het niets. De druk om duurzamer te telen neemt toe, maar minstens zo belangrijk was het eigen inzicht dat er in de basis nog veel te winnen viel. 

Vanaf het begin hebben we dit doel concreet gemaakt. Geen vage ambitie, maar een meetbare reductie in chemiegebruik zonder concessies te doen aan teeltzekerheid. Dat vraagt niet om één maatregel, maar om een andere manier van werken. 

We begonnen bij de basis: het scoutproces 

Allereerst werd het scoutproces opnieuw ingericht: eerder, gerichter en vooral consistenter. Waarnemingen worden nu structureel én vooraf gedeeld. Een ogenschijnlijk kleine aanpassing, maar met een groot effect. Het brengt overzicht, rust en maakt het mogelijk om echt op maat te adviseren in plaats van achter de feiten aan te lopen. 

Het ritme van samenwerken veranderde 

Ook het ritme van samenwerken veranderde. Wekelijkse overleggen zorgen ervoor dat we kort op de actualiteit zitten. Daarnaast plannen we elk kwartaal een evaluatiemoment met zowel het management van de teler als onze kant. Niet alleen om resultaten te bespreken, maar juist ook om strategisch bij te sturen. Kleine problemen of irritaties worden daardoor vroeg gesignaleerd en opgelost, voordat ze groter worden. 

In de praktijk zie je vervolgens dat ook de inhoud verandert. Biologische oplossingen worden niet langer pas overwogen wanneer er problemen ontstaan, maar juist eerder in het proces meegenomen. Ze vormen een integraal onderdeel van de strategie. 

We werden sneller, gerichter en vooral: eerder 

Daarnaast wordt er veel gerichter gewerkt met lokale inzet van bestrijders. Omdat plagen eerder en scherper in beeld zijn, kunnen haarden sneller worden aangepakt. En juist daar ligt de sleutel: hoe eerder je een haard herkent, hoe effectiever je kunt ingrijpen, vaak zonder op te hoeven schalen. 

Diezelfde lijn trekken we door in de inzet van biologische gewasbeschermingsmiddelen. De toolbox is er, maar het succes zit in timing en toepassing. Door deze middelen preventief en doordacht in te zetten, is het gelukt om in de afgelopen komkommer en tomatenteelt geen chemie te gebruiken tegen meeldauw en Botrytis. Een jaar eerder waren daar nog meerdere chemische correcties voor nodig, bij dezelfde gevoelige cultivars. 

Het verschil zit niet in de middelen, maar in de manier van werken.  

“Niet de middelen bepalen je resultaat, maar de manier waarop je ze inzet.” 

Waar vertrouwen en mindset het verschil heeft gemaakt 

Misschien wel de grootste verandering zat in de samenwerking. Als buitenstaander aansluiten bij een bestaand team blijft een uitdaging. Maar door te investeren in open communicatie en een gedeeld doel ontstaat er iets fundamenteels anders: eigenaarschap. 

De beweging van reactief naar proactief, en van individueel handelen naar gezamenlijke verantwoordelijkheid, maakt uiteindelijk het verschil. Digitale hulpmiddelen ondersteunen dat proces, maar de kern zit in vertrouwen en afstemming. 

En precies daar ligt de sleutel. Niet alleen voor het terugdringen van chemiegebruik, maar ook voor efficiënter werken, een weerbaarder gewas en niet onbelangrijk: meer werkplezier.

Telen zoals olympiërs trainen 

Wat we kunnen leren van olympiërs, is dat grote doelen altijd worden opgeknipt in kleine, haalbare stappen. Niemand traint vier jaar lang uitsluitend voor dat ene moment. Er zijn tussenwedstrijden, persoonlijke records, technische verbeterpunten.  

In ICM is dat niet anders. Een reductiedoelstelling van 50% klinkt indrukwekkend, maar begint met één perceel, één seizoen, één teelt. Met meten, monitoren, evalueren, bijsturen en het trainen van mensen. 

Data als fundament onder je strategie 

Zonder meten blijf je reageren. Met meten ga je sturen. Geen topsporter traint zonder data. Hartslag, hersteltijd, prestaties: alles wordt continu gemeten. In onze sector zie ik te vaak ambities zonder meetmomenten. Dan blijft ICM slechts een verhaal op papier. Pas met data wordt het een proces.  

Dit vraagt om een verschuiving van reageren naar voorspellen. Niet ingrijpen als het misgaat, maar eerder signaleren wanneer het mis dreigt te gaan. 

“Wie niet stuurt op doelen, wordt uiteindelijk gestuurd door de omstandigheden.” 

Wanneer het spannend wordt  

En net als in de sport is consistentie belangrijker dan motivatie. Motivatie schommelt. Discipline niet.  

Een geïntegreerde aanpak vraagt om structurele keuzes: investeren in kennis, data verzamelen, samenwerken in de keten. Soms betekent het dat je op korte termijn iets inlevert om op lange termijn sterker te staan. Geen topsporter kiest voor de bank als hij weet dat de concurrent doortraint. 

De echte test komt vaak op het moment dat de druk oploopt. Wanneer een plaag zich sneller ontwikkelt dan verwacht. Wanneer de verleiding groot is om terug te grijpen naar oude zekerheden. Juist daar wordt duidelijk of een doel richting geeft of slechts een ambitie op papier was. Discipline betekent dan vasthouden aan je strategie en blijven bouwen aan het systeem, ook als het spannend wordt.  

Niet minder maar juist meer vrijheid 

Misschien is het grootste misverstand dat doelen beperkend zouden zijn. In werkelijkheid geven ze juist vrijheid. Ze maken duidelijk waar je níet je energie in hoeft te steken. Een sporter met een olympisch doel slaat verleidingen makkelijker af. Een teler met een heldere ICM-strategie kan gerichter investeren, experimenteren en innoveren. 

De oogst van morgen begint met de keuzes van vandaag. Net zoals een medaille begint met de eerste training na de vorige Spelen. 

Integrated Crop Management vraagt om visie, maar vooral om vastgestelde doelen. Niet omdat het moet van beleid of markt, maar omdat richting het verschil maakt tussen meebewegen en vooruitgaan. Wie weet waar hij naartoe werkt, kan elke dag betekenis geven. 

De vraag is niet of je straks moet veranderen. De vraag is: train je daar vandaag al voor? 

Uiteindelijk geldt voor sporters én telers hetzelfde: het podium is slechts het zichtbare resultaat. De echte winst zit in het proces ernaartoe. 

Olympisch denken in je teelt betekent vooruitkijken, keuzes maken en volhouden. Want uiteindelijk wordt het verschil niet gemaakt op het moment dat het spannend wordt, maar in alles wat je daarvoor hebt gedaan.  
Deel dit artikel
Integrated Crop Management

Onze systeemaanpak voor weerbaar telen

Door 15 kennisgebieden én data met elkaar te verbinden, krijg je adviezen die doelmatiger zijn dan ooit. Samen werken we aan een weerbare en toekomstbestendige teelt. 
Ook interessant voor jou
"Kiezen vóór biologie betekent nú de handrem eraf"
Lees de column van Thomas Kern over biologie maatregelen.
Het echte knelpunt tussen teler en innovatie
Lees de column van Koen Bol over innovatie in de glastuinbouw.
"Waarom vernieuwing soms begint met vertraging"
Lees de column van Jan-Paul de Wit over een sterke basis in processen en mindset.

Olympisch denken in je teeltstrategie 

Op de Olympische Spelen draait alles om één doel. Vier jaar lang trainen, meten en bijsturen voor dat ene moment. Alles wijkt voor dat ene doel. In de teelt zie ik dat nog te weinig. En juist daar zit het verschil tussen anticiperen op wat komt, of straks ingehaald worden door de werkelijkheid. 
Zoek in de Kennisbank
Vind antwoord op je vraag in onze kennisbank. 600+ artikelen, geschreven door onze specialisten.
COLUMN | JAN-PAUL DE WIT
ICM-specialist | 9 april 2026
Jan-Paul
Kijk naar een atleet als Femke Kok of de broertjes van ‘t Wout. Hun prestaties lijken soms een kwestie van talent en een paar perfecte momenten. Maar achter dat ene moment schuilt een strak uitgestippeld plan. Trainingsschema’s, tussentijdse doelen, meetmomenten, aanpassingen. Vier jaar lang wordt elke dag ingericht rond één helder doel: presteren op het juiste moment, op het hoogste niveau. 

Wat heeft dat met Integrated Crop Management (ICM) te maken?  
Alles. Zonder concrete doelen blijft ICM een goed idee, maar geen werkwijze.  

Minder emissies, efficiënter en minder gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, bodemgezondheid verbeteren, biodiversiteit versterken, weerbaar telen. We kunnen ze allemaal benoemen, maar zolang het abstracte ambities blijven, gebeurt er weinig. Net als een sporter die zegt: “Ik wil ooit wel eens goed worden,” zonder concreet plan. 

“Een olympische medaille win je niet in de laatste tien seconden van de race. Die win je in de vier jaar ervoor.” 

Richting maakt keuzes eenvoudiger 

Doelen geven richting. Ze maken keuzes eenvoudiger. Een topsporter die goud wil halen, stelt zichzelf dagelijks de vraag: draagt dit bij aan mijn prestatie in 2028? 
Zo kan een teler zich afvragen:  
Draagt deze maatregel bij aan mijn ICM-doelstellingen voor 2030?  
  • Helpt dit mijn weerbaarheid?  
  • Verkleint dit mijn afhankelijkheid?  
  • Verbetert dit mijn bodem op lange termijn?  
  • Ben ik klaar voor de toekomst zonder de huidige toolbox? 

Van ambitie naar meetbaar doel 

‘Chemievrij telen in 2030’ is nog altijd globaal. Wil je dit doel halen, dan is het belangrijk om te kijken waar je op gaat sturen. Oftewel: maak het doel concreet en meetbaar.  

Dus niet ‘minder middelen gebruiken’, maar ‘binnen drie jaar 40% minder correctiemomenten’. Of: ‘Structureel preventief biologie uitstrooien om het aantal correctiemomenten te halveren binnen een jaar’.  

Zodra je doelen meetbaar worden, veranderen ook de gesprekken op het bedrijf. Dan gaat het niet meer over gevoel, maar over richting. En kun je doelgericht kiezen welke stappen, maatregelen en digitale tools nodig zijn om je doelen te halen.  

Van plan naar praktijk 

Recent werkte ik samen met een groenteteler die zichzelf een ambitieus doel had gesteld: de afhankelijkheid van chemische correcties fors terugbrengen. Die ambitie kwam niet uit het niets. De druk om duurzamer te telen neemt toe, maar minstens zo belangrijk was het eigen inzicht dat er in de basis nog veel te winnen viel. 

Vanaf het begin hebben we dit doel concreet gemaakt. Geen vage ambitie, maar een meetbare reductie in chemiegebruik zonder concessies te doen aan teeltzekerheid. Dat vraagt niet om één maatregel, maar om een andere manier van werken.

We begonnen bij de basis: het scoutproces 

Allereerst werd het scoutproces opnieuw ingericht: eerder, gerichter en vooral consistenter. Waarnemingen worden nu structureel én vooraf gedeeld. Een ogenschijnlijk kleine aanpassing, maar met een groot effect. Het brengt overzicht, rust en maakt het mogelijk om echt op maat te adviseren in plaats van achter de feiten aan te lopen. 

Het ritme van samenwerken veranderde 

Ook het ritme van samenwerken veranderde. Wekelijkse overleggen zorgen ervoor dat we kort op de actualiteit zitten. Daarnaast plannen we elk kwartaal een evaluatiemoment met zowel het management van de teler als onze kant. Niet alleen om resultaten te bespreken, maar juist ook om strategisch bij te sturen. Kleine problemen of irritaties worden daardoor vroeg gesignaleerd en opgelost, voordat ze groter worden. 

In de praktijk zie je vervolgens dat ook de inhoud verandert. Biologische oplossingen worden niet langer pas overwogen wanneer er problemen ontstaan, maar juist eerder in het proces meegenomen. Ze vormen een integraal onderdeel van de strategie. 

We werden sneller, gerichter en vooral: eerder 

Daarnaast wordt er veel gerichter gewerkt met lokale inzet van bestrijders. Omdat plagen eerder en scherper in beeld zijn, kunnen haarden sneller worden aangepakt. En juist daar ligt de sleutel: hoe eerder je een haard herkent, hoe effectiever je kunt ingrijpen, vaak zonder op te hoeven schalen. 

Diezelfde lijn trekken we door in de inzet van biologische gewasbeschermingsmiddelen. De toolbox is er, maar het succes zit in timing en toepassing. Door deze middelen preventief en doordacht in te zetten, is het gelukt om in de afgelopen komkommer en tomatenteelt geen chemie te gebruiken tegen meeldauw en Botrytis. Een jaar eerder waren daar nog meerdere chemische correcties voor nodig, bij dezelfde gevoelige cultivars. 

Het verschil zit niet in de middelen, maar in de manier van werken.  

“Niet de middelen bepalen je resultaat, maar de manier waarop je ze inzet.”  

Waar vertrouwen en mindset het verschil heeft gemaakt 

Misschien wel de grootste verandering zat in de samenwerking. Als buitenstaander aansluiten bij een bestaand team blijft een uitdaging. Maar door te investeren in open communicatie en een gedeeld doel ontstaat er iets fundamenteels anders: eigenaarschap. 

De beweging van reactief naar proactief, en van individueel handelen naar gezamenlijke verantwoordelijkheid, maakt uiteindelijk het verschil. Digitale hulpmiddelen ondersteunen dat proces, maar de kern zit in vertrouwen en afstemming. 

En precies daar ligt de sleutel. Niet alleen voor het terugdringen van chemiegebruik, maar ook voor efficiënter werken, een weerbaarder gewas en niet onbelangrijk: meer werkplezier. 

Telen zoals olympiërs trainen 

Wat we kunnen leren van olympiërs, is dat grote doelen altijd worden opgeknipt in kleine, haalbare stappen. Niemand traint vier jaar lang uitsluitend voor dat ene moment. Er zijn tussenwedstrijden, persoonlijke records, technische verbeterpunten.  

In ICM is dat niet anders. Een reductiedoelstelling van 50% klinkt indrukwekkend, maar begint met één perceel, één seizoen, één teelt. Met meten, monitoren, evalueren, bijsturen en het trainen van mensen. 

Data als fundament onder je strategie 

Zonder meten blijf je reageren. Met meten ga je sturen. Geen topsporter traint zonder data. Hartslag, hersteltijd, prestaties: alles wordt continu gemeten. In onze sector zie ik te vaak ambities zonder meetmomenten. Dan blijft ICM slechts een verhaal op papier. Pas met data wordt het een proces.  

Dit vraagt om een verschuiving van reageren naar voorspellen. Niet ingrijpen als het misgaat, maar eerder signaleren wanneer het mis dreigt te gaan. 

“Wie niet stuurt op doelen, wordt uiteindelijk gestuurd door de omstandigheden.” 

Wanneer het spannend wordt 

En net als in de sport is consistentie belangrijker dan motivatie. Motivatie schommelt. Discipline niet.  

Een geïntegreerde aanpak vraagt om structurele keuzes: investeren in kennis, data verzamelen, samenwerken in de keten. Soms betekent het dat je op korte termijn iets inlevert om op lange termijn sterker te staan. Geen topsporter kiest voor de bank als hij weet dat de concurrent doortraint. 

De echte test komt vaak op het moment dat de druk oploopt. Wanneer een plaag zich sneller ontwikkelt dan verwacht. Wanneer de verleiding groot is om terug te grijpen naar oude zekerheden. Juist daar wordt duidelijk of een doel richting geeft of slechts een ambitie op papier was. Discipline betekent dan vasthouden aan je strategie en blijven bouwen aan het systeem, ook als het spannend wordt.  

Niet minder maar juist meer vrijheid 

Misschien is het grootste misverstand dat doelen beperkend zouden zijn. In werkelijkheid geven ze juist vrijheid. Ze maken duidelijk waar je níet je energie in hoeft te steken. Een sporter met een olympisch doel slaat verleidingen makkelijker af. Een teler met een heldere ICM-strategie kan gerichter investeren, experimenteren en innoveren. 

De oogst van morgen begint met de keuzes van vandaag. Net zoals een medaille begint met de eerste training na de vorige Spelen. 

Integrated Crop Management vraagt om visie, maar vooral om vastgestelde doelen. Niet omdat het moet van beleid of markt, maar omdat richting het verschil maakt tussen meebewegen en vooruitgaan. Wie weet waar hij naartoe werkt, kan elke dag betekenis geven. 

”De vraag is niet of je straks moet veranderen. De vraag is: train je daar vandaag al voor? 

Uiteindelijk geldt voor sporters én telers hetzelfde: het podium is slechts het zichtbare resultaat. De echte winst zit in het proces ernaartoe. 

Olympisch denken in je teelt betekent vooruitkijken, keuzes maken en volhouden. Want uiteindelijk wordt het verschil niet gemaakt op het moment dat het spannend wordt, maar in alles wat je daarvoor hebt gedaan.  
Deel dit artikel
Integrated Crop Management

Onze systeemaanpak voor weerbaar telen

Door 15 kennisgebieden én data met elkaar te verbinden, krijg je adviezen die doelmatiger zijn dan ooit. Samen werken we aan een weerbare en toekomstbestendige teelt. 
Ook interessant voor jou
"Kiezen vóór biologie betekent nú de handrem eraf"
Lees de column van Thomas Kern over biologie maatregelen.
Het echte knelpunt tussen teler en innovatie
Lees de column van Koen Bol over innovatie in de glastuinbouw.
"Waarom vernieuwing soms begint met vertraging"
Lees de column van Jan-Paul de Wit over een sterke basis in processen en mindset.