Home ​​​​>​​​​ Knowledge Center​​​​

Neoseiulus californicus als natuurlijke vijand tegen spint en diverse weekhuidmijten

De roofmijt Neoseiulus californicus is een effectieve bestrijder van alle stadia van verschillende soorten spint en weekhuidmijten.
Neoseiulus
Luc Kurris
Productspecialist Quality Controller | 24 januari 2024 | 4 min. lezen
Deel dit artikel

Wat is en wat bestrijdt Neoseiulus californicus?

De Neoseiulus californicus is een roofmijt die zich bij voorkeur voedt met spint, weekhuidmijten maar kan ook overleven op ander voedsel zoals stuifmeel of trips. Ze kunnen enige tijd zonder voedsel overleven en kan preventief ingezet worden tegen diverse prooien en is in veel sierteelt, en groentegewassen inzetbaar. Een volwassen californicus kan dagelijks tot wel 5 spintmijten verorberen. De jonge larven eten t.o.v. larven van de Phytoseiulus persimillis ook spinteitjes.

Uiterlijke kenmerken en ontwikkeling van Neoseiulus californicus

Je kunt Neoseiulus californicus herkennen aan een druppelvormig ovaal  geelachtig tot bruin kleurig lichaam. De roofmijt is ongeveer 0,4 mm groot. De vrouwtjes zijn iets groter dan de mannetjes en ze zijn iets lichter van kleur. De eitjes zijn kleiner dan die van Phytoseiulus persimilis en lijken op de eitjes van bijvoorbeeld Neoseiulus cucumeris, Amblyseius swirskii of Transeius montdorenis. De jonge larven zijn transparant en daardoor moeilijk te herkennen. Het beestje leeft gemiddeld 20 dagen, waarbij de vrouwtjes twee tot drie eieren per dag leggen. Hij ontwikkelt optimaal tussen de 20°C en 27°C. De roofmijt legt zijn eitjes op de onderzijde van het blad. Neoseiulus californicus heeft vijf stadia: ei, larve, protonimf, deutonimf en adult. De roofmijt is niet gevoelig voor diapauze, beter bestand tegen hogere temperaturen en lagere luchtvochtigheid dan Phytoseiulus persimilis. Hiermee is Neoseiulus californicus geschikt in de bestrijding van spint bij droge en warme omstandigheden. 

Video

  • Bekijk de video om de roofmijt in actie te zien.

Gebruiksinstructie Neoseiulus californicus

Raadpleeg voor de algemene gebruiksinstructie voor natuurlijke vijanden het kennisbankartikel.

Hoe zet je de Neoseiulus californicus in?

Los materiaal:
  • Het materiaal moet voor en tijdens de introductie goed door elkaar worden gemengd omdat de roofmijten de neiging hebben naar boven te kruipen in de zak.
  • van de plaag druk wordt de dosering bepaald, deze varieert van 20 tot 50 roofmijten per m2.
  • Zet preventief in of zo snel mogelijk na de eerste spintaantasting.
  • Introductie van roofmijten herhalen afhankelijk van het gewas en plaagdruk.
  • Interval van 7 tot 14 dagen aanhouden.
  • Het materiaal kan handmatig of met behulp van Unimite verdeelsysteem worden verdeeld.

Zakjes:
  • Afhankelijk van het gewas en plaagdruk worden het aantal zakjes per 1000m2 bepaald.
  • Maak een goede verdeling in het gewas.
  • Voor een optimale verdeling dienen de planten elkaar te raken. Zodat ze van de ene naar de plant over kunnen lopen.
  • Herhaal de introductie binnen 4 tot 6 weken.
Sticks:
  • Waterbestendige zakjes op een stokje.
  • Afhankelijk van het gewas en plaagdruk worden het aantal zakjes per 1000m2 bepaald.
  • Makkelijk op plant tray of jonge planten.
  • Herhaal de introductie binnen 4 tot 6 weken.


De beste omstandigheden van de Neoseiulus californicus

Neoseiulus californicus wordt veelal geleverd onder de naam Amblycacontrol en is verkrijgbaar in verschillende soorten en verpakkingen:
  • Amblycacontrol strooimateriaal
    • Kokers met 25.000 en zakken van 125.000 roofmijten
    • Vermiculite en zemelen
    • Doos met 500 zakjes of 200 mini zakjes  
    • Draagstof zemelen, vermiculite 
    • Doos met 200 waterbestendige zakjes op een stokje
    • Bevat zemelen, roofmijten en voermijten

Keuzetabel

Bekijk voor de keuzetabel de desktop versie.

Opslag van Neoseiulus californicus

De roofmijten moeten na levering zo snel mogelijk worden ingezet in het gewas. De mijten produceren warmte en CO2 en bij hoge temperaturen zullen ze bij langdurige opslag sterk in kwaliteit en kwantiteit achteruit gaan. Als direct inzetten niet mogelijk is moeten ze gekoeld worden om hoge temperaturen in de zakken te voorkomen. De optimale temperatuur bij opslag is 18°C bij 80% Relatieve Luchtvochtigheid.

Kwaliteitscontrole roofmijten

Raadpleeg hier het kwaliteitsprotocol voor roofmijten.
Contactformulier
Staat je antwoord er niet bij? Vul het contactformulier in en Kevin van Kester neemt contact met je op. Op werkdagen zelfs binnen 24 uur. 
Ook interessant voor jou

Neoseiulus californicus als natuurlijke vijand tegen spint en diverse weekhuidmijten

De roofmijt Neoseiulus californicus is een effectieve bestrijder van alle stadia van verschillende soorten spint en weekhuidmijten.
Zoek in de Kennisbank
Vind antwoord op je vraag in onze kennisbank. 600+ artikelen, geschreven door onze specialisten.
Luc Kurris
Luc Kurris
Productspecialist Quality Controller | 24 januari 2024 | 4 min. lezen
Deel dit artikel

Neoseiulus
Onderwerpen in dit artikel

Wat is en wat bestrijdt Neoseiulus californicus?

De Neoseiulus californicus is een roofmijt die zich bij voorkeur voedt met spint, weekhuidmijten maar kan ook overleven op ander voedsel zoals stuifmeel of trips. Ze kunnen enige tijd zonder voedsel overleven en kan preventief ingezet worden tegen diverse prooien en is in veel sierteelt, en groentegewassen inzetbaar. Een volwassen californicus kan dagelijks tot wel 5 spintmijten verorberen. De jonge larven eten t.o.v. larven van de Phytoseiulus persimillis ook spinteitjes.

Uiterlijke kenmerken en ontwikkeling van Neoseiulus californicus

Je kunt Neoseiulus californicus herkennen aan een druppelvormig ovaal  geelachtig tot bruin kleurig lichaam. De roofmijt is ongeveer 0,4 mm groot. De vrouwtjes zijn iets groter dan de mannetjes en ze zijn iets lichter van kleur. De eitjes zijn kleiner dan die van Phytoseiulus persimilis en lijken op de eitjes van bijvoorbeeld Neoseiulus cucumeris, Amblyseius swirskii of Transeius montdorenis. De jonge larven zijn transparant en daardoor moeilijk te herkennen. Het beestje leeft gemiddeld 20 dagen, waarbij de vrouwtjes twee tot drie eieren per dag leggen. Hij ontwikkelt optimaal tussen de 20°C en 27°C. De roofmijt legt zijn eitjes op de onderzijde van het blad. Neoseiulus californicus heeft vijf stadia: ei, larve, protonimf, deutonimf en adult. De roofmijt is niet gevoelig voor diapauze, beter bestand tegen hogere temperaturen en lagere luchtvochtigheid dan Phytoseiulus persimilis. Hiermee is Neoseiulus californicus geschikt in de bestrijding van spint bij droge en warme omstandigheden. 

Video

  • Bekijk de video om de roofmijt in actie te zien.

Gebruiksinstructie Neoseiulus californicus

Raadpleeg voor de algemene gebruiksinstructie voor natuurlijke vijanden het kennisbankartikel.

Hoe zet je de Neoseiulus californicus in?

Los materiaal:
  • Het materiaal moet voor en tijdens de introductie goed door elkaar worden gemengd omdat de roofmijten de neiging hebben naar boven te kruipen in de zak.
  • van de plaag druk wordt de dosering bepaald, deze varieert van 20 tot 50 roofmijten per m2.
  • Zet preventief in of zo snel mogelijk na de eerste spintaantasting.
  • Introductie van roofmijten herhalen afhankelijk van het gewas en plaagdruk.
  • Interval van 7 tot 14 dagen aanhouden.
  • Het materiaal kan handmatig of met behulp van Unimite verdeelsysteem worden verdeeld.

Zakjes:
  • Afhankelijk van het gewas en plaagdruk worden het aantal zakjes per 1000m2 bepaald.
  • Maak een goede verdeling in het gewas.
  • Voor een optimale verdeling dienen de planten elkaar te raken. Zodat ze van de ene naar de plant over kunnen lopen.
  • Herhaal de introductie binnen 4 tot 6 weken.
Sticks:
  • Waterbestendige zakjes op een stokje.
  • Afhankelijk van het gewas en plaagdruk worden het aantal zakjes per 1000m2 bepaald.
  • Makkelijk op plant tray of jonge planten.
  • Herhaal de introductie binnen 4 tot 6 weken.


De beste omstandigheden van de Neoseiulus californicus

Neoseiulus californicus wordt veelal geleverd onder de naam Amblycacontrol en is verkrijgbaar in verschillende soorten en verpakkingen:
  • Amblycacontrol strooimateriaal
    • Kokers met 25.000 en zakken van 125.000 roofmijten
    • Vermiculite en zemelen
    • Doos met 500 zakjes of 200 mini zakjes  
    • Draagstof zemelen, vermiculite 
    • Doos met 200 waterbestendige zakjes op een stokje
    • Bevat zemelen, roofmijten en voermijten

Keuzetabel:

 

Product

 

Verpakking

Sierteelt/

Groenteteelt

 

Witte vlieg soort

 

Voordelen/nadelen

Amblycacontrol Plus zakjes

500 zk

Beide

Nee

Betere vochthuishouding t.o.v. normale zakjes

Amblycacontrol zakjes

500 zk

Beide

Nee

Normale uitloop uit zakje

Amblycacontrol

125.000 st

25.000 st

Beide

Nee

Los strooimateriaal

Californiline mini haakzakjes

200 zk

Beide

Nee

Meerdere verdeelpunten

Californiline Stick

200 zk

Beide

Nee

Zakjes op een stokje 

Opslag van Neoseiulus californicus

De roofmijten moeten na levering zo snel mogelijk worden ingezet in het gewas. De mijten produceren warmte en CO2 en bij hoge temperaturen zullen ze bij langdurige opslag sterk in kwaliteit en kwantiteit achteruit gaan. Als direct inzetten niet mogelijk is moeten ze gekoeld worden om hoge temperaturen in de zakken te voorkomen. De optimale temperatuur bij opslag is 18°C bij 80% Relatieve Luchtvochtigheid.

Kwaliteitscontrole roofmijten

Raadpleeg hier het kwaliteitsprotocol voor roofmijten.
Contactformulier
Staat je antwoord er niet bij? Vul het contactformulier in en Kevin van Kester neemt contact met je op. Op werkdagen zelfs binnen 24 uur. 
Kevin van Kester
Ook interessant voor jou
Roofmijt als natuurlijke vijand 
De roofmijt is de natuurlijke vijand van onder andere spint en kan daarom als biologische bestrijder worden ingezet. Er zijn verschillende soorten roofmijt. De ene soort is alleen in te zetten tegen spint, maar er zijn ook soorten die (daarnaast) een of meerdere andere natuurlijke vijanden hebben.
Hoe controleer je de kwaliteit van natuurlijke biologie? 
De kwaliteit van biologie is van belang voor een effectieve bestrijding van ziektes en plagen, of in het geval van hommels voor een effectieve bestuiving. Deze kwaliteit wordt voor verzending al gecheckt door een team van kwaliteitscontroleurs, maar je kan er bij ontvangst van de biologie voor kiezen om de kwaliteit zelf nogmaals te controleren.
Cucumeris als natuurlijke vijand tegen trips 
De roofmijt cucumeris, ook wel bekend als Amblyseius cucumeris, is de biologische bestrijder van verschillende tripssoorten in groente- en sierteelt. Doordat de roofmijt zich ook voedt met pollen en stuifmeel wordt hij vaak preventief ingezet.